+31 (0) 621294377
journalist, Amsterdam

Brief aan mijn vriendin over vluchtelingen

2016 ⋅

Voor een boek met verhalen van jonge schrijvers schreef ik een essay. Het werd een brief aan mijn bijzondere vriendin die ook Laura heet. Het boek is er helaas nooit gekomen. Maar nu heeft de brief toch nog een plekje, hier op het internet..

januari 2017,

Lieve Lau,

Je bent al vijftien jaar een van mijn allerbeste vriendinnen. Maar nu we opeens echt volwassen zijn,  is er een deel van je leven waar ik meer van wil weten. Dat is je werk met vluchtelingen.

Ongeveer een jaar geleden ging je naar Kos om bootvluchtelingen te helpen. Het was al bijna winter. Je sliep er in een soort koude loods tussen de opslagdozen. Midden in de nacht stond je op en stapte je in een auto om op zoek te gaan. Op zoek naar stemmen en signalen van mensen die uit het ijskoude water kwamen. Ik kan me nauwelijks voorstellen hoe dat moet zijn geweest. En daar gericht naar vragen, dat durfde ik niet zo goed. ‘hoe was Kos?’ of: ‘nog levens gered?’ sloeg natuurlijk helemaal nergens op. Vooral niet tegen jou. ik weet dat jij er niet van houdt om gevoelige onderwerpen snel af te doen in een paar zinnen en ik merkte dat je dichtklapte als ik er (na tien keer oefenen in mijn hoofd) toch naar vroeg. Ik vond dat best moeilijk.

Over de praktische uitdagingen van die week op Kos, sprak je gelukkig wel. Je was gefrustreerd en vond dat sommige vrijwilligers meer aan hun eigen ego dachten dan dat ze elkaar wilden helpen. Daar kon je wakker van liggen. ‘het kan allemaal zoveel beter,’ zei je. Daarom maakte je een document met tips en aanbevelingen voor toekomstige vrijwilligers. Dat had je op mijn computer gedaan en ik heb het toen stiekem gelezen. ‘Unofficial document by volunteers’ noemde je het. Het was zo gedetailleerd en uitgebreid. Van tips voor boodschappen tot lastige culturele issues, en ik zag zwart-op-wit hoe ontzettend goed je hierin bent.

Fast forward een halfjaar en… je hebt een baan bij de gemeente Amsterdam als: projectsecretaris Werk, participatie en inkomen voor statushouders. Het is jouw baan, om duizenden vluchtelingen met een verblijfsvergunning, aan het werk te krijgen.

Riekerhaven

Een van de projecten, die daarmee te maken heeft, bezocht ik voor een verhaal. Startblok Riekerhaven; de nieuwe wooncampus in Amsterdam waar vluchtelingen en studenten samenwonen. Jij bent daar ook vaak, om met statushouders over hun werk en toekomst te praten. En toen ik het stuk schreef, was jij mijn geweten. hoe kon ik het rechtvaardigen dat ik daar ‘even’ een middagje langskwam om quotes te verzamelen voor een artikel. ‘Touch and go’ en weer door met het volgende verhaal.

Maar toch ben ik blij dat ik gegaan ben. ik kwam bijvoorbeeld voor het eerst in aanraking met Eritreërs; op Syriërs na, de grootste groep vluchtelingen van het afgelopen jaar. Een groep waar ik helemaal niets van wist. De Nederlandse studenten die ik sprak wisten eigenlijk ook nog niet zo goed wat ze met de Eritreërs aan moesten. Sommigen maakten zich zorgen: ‘ze spreken geen Nederlands, ze zonderen zich af, ze zijn arg- wanend en geïsoleerd.’” De gedachte achter Riekerhaven is dat het een ‘zelfvoorzienend’ wooncomplex is met zo min mogelijk bemoeienis van de gemeente en de woningbouwvereniging. De vluchtelingen en Nederlandse studenten moeten
het samen doen, daar leren ze het meeste van, zo is het idee.

Je stuurde me een rapport over de emotionele gezondheid van Eritrese vluchtelingen en ik sta paf. Het land is een van de gruwelijkste gesloten dictaturen ter wereld, met gedwongen, gewelddadige dienstplicht en nul vrijheid van meningsuiting, geen godsdienstvrijheid en vrouwenbesnijdenis. Op de vluchtroute worden mannen gemarteld en vrouwen verkracht. Sommigen van die jongens en meisjes wonen nu naast de ambitieuze en idealistische Nederlandse studenten.Het is veelbelovend, maar ook heel nieuw. Kunnen studenten echt helpen? Is die verantwoordelijkheid niet te groot? Trauma’s (die zich vaak pas later manifesteren), wachten op werk, verveling? Drank en drugs? Dit zijn vragen waar jij dagelijks mee te maken hebt.

En ik wil eigenlijk van je weten, Lau: hoe schat jij de kansen in van een geslaagd werk- en inkomensbeleid voor statushouders? Uit Syrië, maar ook uit Eritrea? Jij hebt het nu van zoveel kanten gezien, van de dag dat mensen aankomen op Griekenland, tot hoe mensen zich kunnen ontwikkelen nadat ze hier een jaar zijn. Wat is ervoor nodig? En waar hangt dat van af? Wat heb je al geleerd? Hoe pakt de gemeente dit aan? En wat kan ik zelf doen? Ik hoop dat je me iets terugstuurt, je mag zoveel woorden gebruiken als je wil en ik zal je niet onderbreken. Want weet je Lau, ik denk dat we in deze nieuwe tijden jouw kennis en verhalen goed kunnen gebruiken. Het wordt een lange weg voor iedereen. We hebben mensen nodig die het snappen en die genuanceerd zijn. Die het niet in één zin willen zeggen. En wat ben ik ontzettend blij dat jij zo iemand bent!

Liefs, Lau