+31 (0) 621294377
journalist, Amsterdam

Jett Rebel is best wel Lief // PUPMAG #3

2015 ⋅ PUP

Het persoonlijke verhaal van Jelte Tuinstra, beter bekend onder zijn artiestennaam Jett Rebel (24), is door de media misschien nog wel vaker geanalyseerd dan zijn muziek. De jongen is androgyn, heeft last van een identiteitscrisis en balanceert tussen gevoelens van enorme onzekerheid in het dagelijks leven en een betoverend zelfvertrouwen op het podium.

Na de verschijning van de IDFA-documentaire Who the Fuck is Jett Rebel, raakten de mensen geïntrigeerder dan ooit. In de film zie je de intense Jelte zijn weg afleggen naar muzikaal succes, inclusief een spektakel aan innerlijke worstelingen en emoties. Fans, moeders en zelfs psychologen, gaven hun mening. Sommigen waren bang dat Jelte lid zou worden van de “27 club.” Gelukkig stelde Jelte de mensen gerust op zijn Facebookpagina, waarop hij aangaf dat het heus goed met hem gaat. Wie is de jongen die ik zo zal treffen?

jett rebel 2

beeld: Tim Verhallen

Jelte woont in een tuinhuis in Soesterberg. Om daar te komen moet ik vanuit Amsterdam de trein en de bus nemen. Dan nog een klein stukje lopen. Ik verdwaal. Te laat komen hoort nu zeker tot de mogelijkheden. ‘Hoezo kloppen die huisnummers niet?’ Gedesoriënteerd en daardoor gespannen, stel ik mezelf gerust; Jelte Tuinstra is zelf ook hartstikke chaotisch. Grappig, ik denk hem te kennen.

Zodra de zwarte hekken open gaan en ik, net op tijd, de oprit oploop, herken ik het witte huisje uit zijn videoclip ‘Baby’. Hier ontvangt Jelte vaker journalisten, fotografen en filmmakers die zijn leefruimte dankbaar gebruiken als decor voor zijn jamsessies, gepeins en geijsbeer.

Binnen is het rommelig. Bierkratjes, een zoete wietlucht en heel veel instrumenten. Jelte zit verscholen achter zijn drumstel. Zijn vriendin, Soesja, zit bij hem op schoot. Hij begroet me vriendelijk, tegelijkertijd een beetje afwezig.

Vandaag ziet Jelte er gewoontjes uit. ‘Heel normaal eigenlijk,’ vindt hij zelf ook van zijn donkerblauwe, leren jack en bril met zwart montuur. Hij draagt geen make-up. Zelfs geen nagellak. Of het trouwens goed is als we naar een restaurantje gaan: ‘Ik heb nog niks gegeten.’

Salade zonder nootjes

Jelte bestelt een tosti en een salade zonder nootjes. ‘Ik ben allergisch voor noten. Als het een paar keer misgaat, ben je daarna extra voorzichtig. Van pinda’s kan ik gewoon stikken. Dan moet er heel snel een spuit in m’n been, anders raak ik in shock. Ik doe het nooit zelf eigenlijk. Ik bel dan aan bij een vriend die om de hoek woont, doe ik mijn broek uit en zeg ik: “Zet een spuit in mijn been. Nu!” Johan, mijn manager, heeft het ook wel eens voor me gedaan. Gewoon vlak voor een optreden op het parkeerterrein, BAM.’

Jelte staart voor zich uit en praat rustig verder. Het lijkt alsof hij al weet wat ik wil vragen en begint uit zichzelf:

‘Ik heb vijf jaar in Amsterdam gewoond, dat was leuk. Maar het is beter voor me om hier te zijn. Ik moest mezelf een beetje beschermen tegen de grote stad. Ik kom hier tot veel meer, ga veel harder aan de slag. En in Amsterdam zou ik toch weer in een party-ritme terechtkomen.’

Ben je daar vatbaar voor?

‘Dat was ik wel altijd. Nu heb ik er oprecht niet zoveel zin meer in. Optreden en op tour zijn is eigenlijk de ideale avond uit. Kleedkamers zijn super gezellig, goeie sfeer, podium op, we spelen samen, we dansen, we zingen. Nog een paar drankjes en dan naar huis. My kind of party.’

Je bent de afgelopen tijd nogal vaak geïnterviewd. Welke vraag wordt het vaakst gesteld?

‘Een vraag die heel vaak wordt gesteld is meer een constatering. Dan zegt de interviewer: “Wat gaat het hard hè, met jouw carrière.” Tja. En hoe ik daar dan mee omga. Dat vind ik lastig. Het gaat inderdaad hard en dat is ook hoe het moet gaan. Dit is namelijk precies wat ik wil. Het is voor mij vanzelfsprekend dat ik alles met volle overgave doe. Mijn volgende plaat moet natuurlijk nog beter, en mijn volgende tour nog spannender. Hard gaan makes perfect sense.’

Ben je nooit bang dat de hype die om jou gecreëerd is harder gaat dan jijzelf?

‘Misschien wordt die hype over een tijdje wel wat minder. Dat kan. En dan speel ik in wat kleinere zaaltjes. So be it. Ik zal er altijd naar blijven streven om alleen maar te maken wat ik zelf goed vind. Mijn muziek is voor de lange termijn. Het is mijn leven en daar ga ik mee door. En ik ben er nog lang niet.’

Geen angst dus.

‘Mijn grote angst is dat ik zal zwichten voor commercie. Dat ik dan dingen maak waar ik niet zelf achter sta. Zelfs artiesten die ik heel erg hoog heb zitten, hebben zich er aan overgegeven, en dan denk ik: als hen dat kan overkomen, waarom mij dan niet? Dat vind ik wel een eng idee. Ik probeer elke keuze heel overwogen te maken. Gelukkig zitten Johan en ik daarin helemaal op een lijn.’

Zou jij zelf kunnen bedenken wat zoveel mensen zien of willen zien in jou?

‘Dat vind ik moeilijk te beantwoorden. In ieder geval zorg ik er voor dat ik heel dicht bij mezelf blijf. En blijkbaar is dat uniek. Op de middelbare school bijvoorbeeld, wilde ik continu iemand zijn die ik niet was. En nog steeds zie ik dat om me heen. Zelfs bij mijn eigen vrienden, hele getalenteerde muzikanten ook. Maar als we aan het chillen zijn, denk ik: man, ik zie dat je dit leuk vindt, of dat je eigenlijk echt een passie hebt voor deze gekke stijl. Waarom kleed je je in je vrije tijd veel toffer dan op het podium? Dat vind ik dan super jammer. Mensen passen zich aan aan wat ze denken dat De Wereld Draait Door en 3FM graag wil zien en horen. Maar als je dat los laat, heb je uiteindelijk een veel grotere kans om het te maken.’

‘Meisjes geven me nagellak’

‘Ik denk ook dat ik mensen aanspreek die niet standaard zijn. Als je heel normaal bent, dan word je geen fan van mij. Ik zie dat mijn fans allemaal hele open, eigen mensen zijn. Dat vind ik fucking leuk. Dan komen er na een optreden trillende mannen van veertig, oude vrouwtjes en rockers op me af. En jonge meisjes natuurlijk. Van hen krijg ik vaak nagellak. Superlief.’

Voel jij je eigenlijk wel thuis in het nuchtere Nederland?

‘Ik kan me heel erg storen aan de ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’-mentaliteit van veel Nederlanders. Er is echt veel kortzichtigheid. Ik heb met homohaters te maken die me aanvallen op mijn kledingstijl. Mensen posten zieke shit over me op social media. Volgens mij beseffen ze dan niet dat ik, als ik mijn telefoontje uit mijn zak haal, gewoon zwart op wit kan zien wat er over me wordt verkondigd. Echt heel erg dat dat bestaat.

Voel je dan ook wel eens de behoefte om jouw bekendheid te gebruiken om een maatschappelijke boodschap mee te geven?

‘In principe ben ik gewoon een jongen die keihard heeft geoefend om goed gitaar te kunnen spelen. Ik weet niet of ik mezelf echt geschikt vind om een sociaal statement te maken. Bovendien heb ik door alle drukte nauwelijks actualiteiten kunnen volgen. Maar als ik het doe, zou ik het in de vorm van een nummer doen. Niet schreeuwerig, of prominent, maar gewoon: hier is mijn boodschap, doe ermee wat je wil.’

Hoeveel grip heb je op je carrière? Overkomt het je?

‘Ik zou niet willen zeggen dat het me is overkomen, want ik heb er ontzettend hard voor gewerkt. Maar op sommige dingen heb ik geen grip. Ik heb wel een voorgevoel gehad, en altijd  geweten dat dit is wat ik wilde. Dat als ik ergens voor bestond, dat het dan hiervoor  was. En als dat niet zou gebeuren, dat er dan ook niks anders was. Helemaal niks.’

Waarom is het jou gelukt, en anderen niet?

‘Wilskracht. Willen en er gewoon voor gaan. Het is echt niet de makkelijkste optie om muziek te maken. Je verdient er niet snel je geld mee, en je komt ook niet één twee drie in een vette band. Je moet echt veel tijd investeren, eigenlijk nooit genoeg.  Ook nu nog ben ik er heel erg mee bezig om die focus te vinden. Ik woon in Soesterberg, ik kan hier niet echt de rockster uithangen. Ik moet met beide benen op de grond blijven staan.’

Het is tijd om even een luchtje te scheppen. Soesja, die binnen gehoorsafstand zit, veert op en gaat mee naar buiten.

Soesja, fotograaf, en Jelte ontmoetten elkaar een aantal maanden geleden in een restaurantje in Amsterdam. ‘Ik vond haar het mooiste meisje dat ik ooit had gezien.’ Soesja: ‘Ik was toen net terug uit New York en ik had echt geen idee wie Jett Rebel was.’ Ze kijkt hem brutaal aan.

Soesja is behalve Jeltes liefde ook zijn creatieve soulmate. Zo maakte zij de cover van zijn album Hits for Kids en bedacht ze de clip voor het nummer ‘Pineapple Morning’, een surf style-video in pastelkleuren waarin Jelte meerdere keren een ananas vangt. 

Je benadrukt vaak dat jouw nummers heel persoonlijk zijn. Hoe ervaar je emoties tijdens je optredens?

‘De emoties zijn wel minder intens dan tijdens de opnames voor mijn plaat. Dat opnemen was heel heftig. Nu trek ik het  beter. Er zijn ook wel een paar nummers waarvan ik bang ben dat ik er gek van zal gaan worden – ik vertel niet welke dat zijn – maar als ik dan merk dat het publiek er ontzettend blij van wordt, dan voel ik me alweer heel erg dankbaar dat iets dat zo uit mijn hart komt, zo gewaardeerd wordt. Wel vind ik het jammer als mensen vragen of ik de Spice Girls weer wil zingen. Dat heb ik één keer gedaan bij De Wereld Draait Door en dat achtervolgt me nu een beetje.’

Waar baal je van bij jezelf? 

‘Als ik veel spanning heb, kan ik wel eens onredelijk doen. Dan zit ik in de stress en vijf minuten later raak ik daar weer uit en schaam ik me. Daar stoor ik me echt aan. Ik hecht er wel veel waarde aan om gewoon aardig tegen iedereen te zijn. En als ik dan een glas omgooi, wat ik wel eens heb gedaan, of tegen de verwarming schop, dan is dat niet netjes. Dan zeg ik sorry.’

Volgens mij ben jij best lief.

‘Ha. Dank je.’Jelte kijkt me opeens recht aan. ‘Ik wil gewoon niet zo’n fucking diva worden, snap je? En als je dan zo’n moment hebt na een show, dan moet je ook wel mans genoeg zijn om te denken: hè, wacht even, mensen die met je samen werken hebben gewoon het allerbeste met je voor. Iedereen probeert je te helpen en ze snappen dat het niet allemaal even makkelijk is. Daar ben ik echt heel dankbaar voor.’

Laura Kemp for PUPMAG